Steun ons en help Nederland vooruit

zaterdag 19 december 2020

Bestuurlijke boete: de rechtsstaat voorbij?

Met de bestuurlijke boete kan afvaloverlast sneller worden aangepakt. D66 Enschede worstelt echter met de rechtsstatelijke aspecten van deze bestuursrechtelijke bestraffing van inwoners. De bewijslast draait namelijk al snel om.

Waar kun je een bestuurlijke strafbeschikking voor krijgen?

Wanneer iemand zich misdraagt in de openbare ruimte kan een buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) een bestuurlijke strafbeschikking uitreiken. Anno 2020 is dit ook in Enschede het geval. Een misdraging is bijvoorbeeld het drinken van alcohol op straat, binnen de bebouwde kom de natuurlijke behoefte doen, een weg verkeerd gebruiken of de hond niet aangelijnd hebben. Foutparkeren, straatprostitutie, kamperen, posters plakken en zwemmen in openbaar vaarwater zijn ook enkele van de ruim honderd typen gedragingen die beboet kunnen worden.

Bestuurlijke boete in plaats van bestuurlijke strafbeschikking

Een stuk of vijf gemeenten in Nederland zijn overgestapt op de bestuurlijke boete. De officier van justitie en de strafrechter komen niet meer te pas aan de genoemde overtredingen in de openbare ruimte. Het college van burgemeester en wethouders of de burgemeester legt een bestuurlijke boete op. De bestuurlijke strafbeschikking is verleden tijd in de gemeenten die deze overstap hebben gemaakt. Enschede voert dit in 2021 ook in. De boa’s blijven overigens gewoon aan het werk.

Bewijzen van een overtreding is makkelijker

In het bestuursrecht wordt een overtreding op een andere manier bewezen. Het bestuur (college of burgemeester) hoeft alleen maar aannemelijk te maken dat de overtreding is begaan. Een adresetiket in een gevonden vuilniszak bijvoorbeeld is voldoende. Dan is het aan de beboete persoon om het tegendeel te bewijzen, of de boete te betalen. Het is voor de overheid zo dus makkelijker om burgers te beboeten. Ook onschuldige burgers.

Enschede hoopt afvaloverlast beter te bestrijden met makkelijker bewijs

Het makkelijker beboeten van burgers is de belangrijkste reden om over te stappen op de bestuurlijke boete in de openbare ruimte in Enschede. Het college hoopt hiermee met name de afvaloverlast beter te bestrijden. De discussies met de raad gingen niet over de andere honderd overtredingen.

Twijfel over omdraaiing bewijslast

Ik had meteen aan het begin van de discussie mijn twijfels over de rechtsstatelijkheid van de bestuurlijke boete. Natuurlijk is de bestuurlijke boete een wettelijk toegestaan instrument, maar het geeft toch te denken dat maar een handjevol gemeenten dit gebruikt. Ik zat in mijn maag met het idee van een gedumpte vuilniszak met mijn adresetiket erin. In dat geval moet ik maar bewijzen dat die vuilniszak niet van mij is. De bewijslast draait door dat adresetiket om. De bewijslast gaat van de overheid naar de burger. Het lijkt me voor de inwoner onmogelijk om te bewijzen dat een vuilniszak met etiket erin níet van hem of haar is. Hoe doe je dat? Uiteindelijk kon de wethouder me daarin geruststellen met een memo:

“[…] Alleen een adresetiket kan onvoldoende zijn. Een BOA zal daarom in gesprek gaan en doorvragen en daarbij het gevoel moeten krijgen dat de persoon geen sluitend verhaal heeft en daarmee ongeloofwaardig overkomt. Ook dan hoeft er nog geen bestuurlijke boete te volgen. Immers heeft er al een gesprek plaats gevonden met de persoon en kan dit al voldoende effect hebben. Het kan echter niet zo zijn dat we telkens afval van betrokken persoon aantreffen. Het verhaal wordt dan ongeloofwaardig en we verwachten eigen actie van de persoon; wat hij of zij heeft ondernomen om dit te voorkomen. Veelplegers kunnen we daarbij herleiden uit ons systeem. Dit zijn mensen die of al vaker gewaarschuwd zijn (waarschuwingen worden geregistreerd) of al vaker een bestuurlijke boete hebben gehad.”

Nog meer aspecten bestuurlijke boete niet besproken

Vlak voor de raadsvergadering kreeg de raad een brief van advocaat Ruurd van Eck. Daaruit bleek dat toch wel meer haken en ogen zitten aan de bestuurlijke boete in vergelijking met de bestuurlijke strafbeschikking. Deze brief vulde de hiaten in de memo van de wethouder in. En mijn oorspronkelijke twijfel laaide enorm op.

Ik weet dat je met dit soort belangrijke onderwerpen voorzichtig moet zijn in de politiek. Dus heb ik gepleit voor uitstel van de besluitvorming. Mijn fractie had ook de behoefte aan een rondetafelgesprek of hoorzitting met allerlei deskundigen. Waarin we de rechtsstatelijkheid, de rechten van burgers versus de machtige overheid goed kunnen doornemen. Want dat is, met alle respect voor de inzet van de wethouder, niet gebeurd.

Hoorzitting met deskundigen

Helaas bleek geen meerderheid voor uitstel te zijn. Velen in de raad willen snel de afvaloverlast aanpakken, en willen geen tijd maken voor rechtsstatelijkheid omdat dit de aanpak uitstelt. Gezien deze onvermijdelijkheid hebben we ons vertrouwen in deze wethouder en dit college uitgesproken door voor dit voorstel te stemmen, met de volgende stemverklaring:

“U kent ons dilemma. Wij stemmen nu voor invoering bestuurlijke boete omdat we dit college dit toevertrouwen. Wij organiseren in 2021 een rondetafelgesprek/hoorzitting met experts en evalueren daarna. Dan beschouwen we onze dilemma’s opnieuw, en dat kan leiden tot aanpassingen of helemaal terug naar het strafrecht. In dat licht moet u onze stem “voor” zien.” — Raadslid Vic van Dijk namens D66 Enschede

Nu houd ik me bezig met de organisatie van de hoorzitting met experts. Ik ben op zoek naar een diverse groep experts, zowel “voor” als “tegen.” Want dan kan de raad pas echt de bestuurlijke boete op zijn rechtsstatelijke merites beoordelen.